De werkwijze van het project

De slimme meter is een digitale elektriciteitsmeter (E) met ingebouwde informatie- en communicatietechnologie en hij vervangt de oude analoge kilowattuurmeter. Daarnaast wordt de bestaande gasmeter (G) vervangen door een digitaal afleesapparaat, zodat ook het gasverbruik digitaal bemeterd wordt. De slimme meter kan op afstand bediend en uitgelezen worden. Het systeem kan maximaal elke 15 minuten (E) c.q. elk uur (G) de meterstanden doorgeven aan de netbeheerder (en vervolgens aan de energieleverancier, met een vertraging van 24 uur). Van deze uitgang op de slimme meter (de “P3-poort”) maakt het project geen gebruik. Want zoals gezegd draait dit project om het huishouden, niet de energieleverancier.

De slimme meter bevat ook een uitgang (de “P1-poort”) waarmee de gebruiker zelf bijna “real-time” (stroom: 10 seconden, gas: 60 minuten) verbruiksgegevens kan (laten) aflezen. Rondom deze “privé-poort” willen de Groningse partijen testen hoe huishoudens via de slimme meter energie kunnen besparen met behulp van een technologische toepassing. Wat hierbij bijzonder is:

  • Ontwikkelen en testen van technologische toepassingen rondom de “privé-poort” van de slimme meter door regionale bedrijven;
  • Wetenschappelijk onderzoek naar de werking van technologische toepassingen rondom de “privé-poort” van de slimme meter;
  • Wetenschappelijk onderzoek naar hoe huurders van woningcorporaties tegenover de slimme meter met toepassing staan en hoe ze zich gedragen qua energieverbruik;
  • Nagaan welke van de 3 toepassingen van regionale mkb-ers het beste “bevalt” (onderlinge vergelijking en effectmeting).

 

In de periode juni 2012 – oktober 2012 zijn diverse regionale bedrijven op het gebied van energiemanagementsystemen en appbouw uitgenodigd met voorstellen te komen aan de hand van de vraag:

Ontwerp een (interactieve) toepassing op basis van gegevens uit de P1-poort, waarvan u denkt dat daarmee zoveel mogelijk huishoudens zoveel mogelijk energie kunnen besparen”.

Schriftelijk en mondeling zijn er voorstellen ingediend en toegelicht. Uiteindelijk heeft de stuurgroep “1000 slimme huishoudens” drie bedrijven geselecteerd om deel te nemen aan het project.

In de periode februari 2013 – juli 2014 wordt onder 40 huishoudens de test- en ontwikkelfase gehouden. Daarbij krijgen 30 huishoudens een slimme meter en een technologische toepassing (de “experimentele groep”) en 10 huishoudens alleen een slimme meter (de “controlegroep”).

Na de testfase is voor de periode september 2014 - september 2015 een toepassingsfase gepland, waarbij de uitrol van slimme meters en (de als beste geteste) technologische toepassing vergroot wordt tot (ongeveer) 1000 huishoudens.

Het project in het kort:

werkwijze2

Hieraan gekoppeld de doelstellingen van het onderzoek:

  1. Welk gedrag kan worden afgeleid uit de data afkomstig van de slimme meter?
  2. Welke interactieve applicatie is in staat het bewustzijn met betrekking tot energieverbruik van huishoudens te vergroten? (En welke aspecten van de applicatie kunnen daarvoor verantwoordelijk zijn?)
  3. Welke interactieve applicatie is in staat het gedrag van gebruikers te veranderen? (En welke aspecten van de applicatie kunnen daarvoor verantwoordelijk zijn?)
  4. Welke applicatie leidt tot de grootste gebruikerstevredenheid (w.o. energiebesparing)?